01-10-11

De vuylhoek

verdoemdenhoek, trou des chiens, vuylhoek

De meeste belgen weten dat België in 1830 ontstond. Het is minder gekend dat die tijd de maatschappelijke omstandigheden zeer slecht waren: hongersnood, epidemies, ... Er werden zelfs premies (aan de autochtonen!) uitgevaardigd om het land te verlaten. De haven van Antwerpen was de uitvalbasis. Op politiek vlak woedde een hevige strijd tussen katholieken en liberalen (vrijdenkers). Het onbegrip tussen beide partijen was zo intens dat begin de jaren 1880 bijna een burgeroorlog losbrak. Naast de schoolstrijd was de kerkhovenkwestie het twistpunt bij uitstek. In deze post werpen we een blik op de kerkhovenkwestie in de 19e eeuw.

Bij het ontstaan van België had de katholieke kerk het alleenrecht op het inrichten van erediensten (huwelijk, begrafenis). Het is dat alleenrecht dat spoedig tot een ernstig maatschappelijk conflict zal ontbranden. De katholieken hadden de gewoonte een stuk grond te zegenen (wijden) waarin de katholieken begraven konden worden. Het kerkhof (de begraafplaats) werd in drie delen opgedeeld. Een deel voor de katholieken, een andere deel voor de ongedoopte kinderen en ten slotte een derde deel (de ongewijde grond) waarin vreemdelingen, niet-katholieken, mensen die zelf hun dood gekozen hadden en misdadigers begraven werden. Dat stuk werd door hagen en muurtjes van de rest afgeschermd en lag veelal aan de noordkant (weinig zonlicht). Het noorden was eerder een te mijden, heidense plek waar demonen huisden. (In de Germaanse mythologie wonen de goden in het noorden).

Deze (gehate) plek werd als het volgt benoemd: verdoemdenhoek, heydenen kerckhoven, vuylhoek, trou des chiens, trou aux chiens, coin aux chiens, coin des damnés, coin des malfaiteurs, coin des réprouvés, … De niet-gelovigen begonnen uit te kijken om niet meer oneervol begraven te worden. De eerste vrijdenkersbonden zagen het licht: L'Affranchissement(1854), La Libre Pensée (1863) – “Plus de prêtre à notre mort, à notre marriage, ni à la naissance de nos enfants”). Deze verenigingen hielden zich aanvankelijk bezig met het inrichten van burgerlijke begrafenisplechtigheden en waren een soort van begrafenisondernemers (men leverde de kist, de krans, zorgde voor een redevoering en voor mensen die in stoet wilden meegaan). De liberale vrijdenkerskringen werden hoofdzakelijk door vrijmetselaars bevolkt, de socialistische vrijdenkerskringen werden hoofdzakelijk door vakbondsmensen georganiseerd. De contacten tussen beide kringen vlotte niet zo goed. De socialistische vrijdenkers noemden de liberale vrijdenkers: “les libres penseurs de la bourgeoisie” (D. Brismée, leider van Les Solidaires).

De eerste burgerlijke uitvaarten veroorzaakten veel consternatie en werden soms geboycot. Vaak kwamen ze voor een gesloten kerkhof te staan of werden ze onderweg door gelovigen uitgejouwd.

De politie verzocht soms de familie om van een burgerlijke begrafenisplechtigheid af te zien. De lijkredes, die bij een burgerlijke begrafenis uitgesproken werden, hadden een politieke ondertoon. Volgens een politie-rapport werden in een lijkrede tal van uitspraken gemaakt die kwetsend waren voor het katholieke geloof. Op 21 februari 1851 had de gouverneur van de provincie Brabant via een omzendbrief aan de gemeentelijke autoriteiten een verbod afgekondigd op alle ceremoniële activiteiten, manifestaties en redevoeringen bij burgerlijke begrafenissen. Al snel werden de kerkhoven onder gemeentelijk mandaat geplaatst. Dit hielp evenwel niet om de gemoederen te bedaren, want veel katholieke burgemeesters wilden heiliger dan de paus zijn. De regeringen durfden deze netelige knoop niet doorhakken. De Leuvense theoloog, M. Moulart, kwam na veel nadenken tot het grondige besluit dat de lijken van de vrijdenkers de kerkhoven vervuilden. Pas op het einde van de 19de eeuw kwam een oplossing in zicht, toen de paus toestemming verleende om de graven individueel in te zegenen. Voortaan konden iedereen in vrede naast elkaar begraven worden.

Wellicht vinden we het vandaag de dag evident dat mensen van een verschillende filosofische strekkingen naast elkaar begraven worden en dat er geen gescheiden begraafplaatsen (om filosofische redenen) meer aangelegd worden. Alhoewel … moslims ijveren nog steeds voor moslim-begraafplaatsen in ons land.