28-10-08

Tussen gaan en blijven

Waterspel1

Zaterdagmorgen 25 oktober. Tuinparels.

Waterspel6

TUSSEN GAAN EN BLIJVEN

Tussen gaan en blijven twijfelt de dag,
verliefd op zijn transparantie.

De koepel van de avond is nu een baai
in haar stille deining schommelt de wereld.

Alles is zichtbaar en alles is ontwijkend
alles is nabij en alles is ontastbaar.

De papieren, het boek, het potlood, het glas,
ze rusten in de schaduw van hun namen.

Het kloppen van de tijd in mijn slapen
herhaalt dezelfde koppige syllabe van bloed.

Het licht maakt van de onverschillige muur
een spookachtig theater van spiegelingen.

Ik ontdek mijzelf in het midden van een oog;
het ziet mij niet, ik zie mijzelf in zijn blik.

Het moment lost op. Ik blijf en ga
zonder te bewegen: ik ben een pauze.

Octavio Paz

Waterspel2

Entre irse y quedarse


Entre irse y quedarse duda el día,
enamorado de su transparencia.

La tarde circular es ya bahía:
en su quieto vaivén se mece el mundo.

Todo es visible y todo es elusivo,
todo está cerca y todo es intocable.

Los papeles, el libro, el vaso, el lápiz
reposan a la sombra de sus nombres.

Latir del tiempo que en mi sien repite
la misma terca sílaba de sangre.

La luz hace del muro indiferente
un espectral teatro de reflejos.

En el centro de un ojo me descubro;
no me mira, me miro en su mirada.

Se disipa el instante. Sin moverme,
yo me quedo y me voy: soy una pausa.

Octavio Paz

Waterspel3